close

YOOtoppanel

otseminar  
Onze eerstvolgende seminars:

Het Nieuwe Testament in Vogelvlucht, 6 maart, Baptistengemeente Sneek

Het Nieuwe Testament in Vogelvlucht, 20 maart, evangeliegemeente Soest
ntseminar

Top Panel
woensdag, 23 september 2020
Afdrukken
woensdag, 18 november 2009 20:38
Inhoudsopgave
Onfeilbaarheid
Belang van onfeilbaarheid
Onfeilbaarheid en verschijnselen
Onfeilbaarheid definieren
Chicago Verklaring
Alle pagina's

De Chicago verklaring over de onfeilbaarheid van de Bijbel

Korte Verklaring

  1. God, die Zelf waarheid is en alleen waarheid spreekt, heeft de Heilige Schrift geïnspireerd om daardoor Zichzelf te openbaren aan de verloren mensheid in Jezus Christus als Schepper, Heer, Verlosser en Rechter. De Heilige Schrift is Gods getuigenis van Zichzelf.
  2. De Heilige Schrift, als Gods eigen woord, geschreven door mensen die voorbereid en voorbestemd waren door Zijn Geest, is van onfeilbare Goddelijke autoriteit in alle zaken, waarover zij zich uitspreekt: Zij moet geloofd worden als Gods instructie in alles wat zij verklaart, gehoorzaamd als Gods bevel in alles wat zij vereist, omhelsd als Gods belofte in alles wat zij belooft.
  3. De Heilige Geest, de Goddelijke schrijver van de Schrift, getuigt van de echtheid ervan door Zijn innerlijk getuigenis in ons en opent ons verstand om de betekenis ervan te begrijpen.
  4. Doordat de Schrift volledig en woordelijk door God gegeven is, is zij zonder fout of vergissing in alles wat zij leert. Zowel in wat zij verklaart over Gods daden in de Schepping, gebeurtenissen in de wereldgeschiedenis, en over haar eigen literaire bronnen onder God als over haar getuigenis van Gods reddende genade in individuele levens.
  5. De autoriteit van de Schrift wordt onvermijdelijk aangetast, indien deze totale Goddelijke onfeilbaarheid op enige wijze verminderd of veronachtzaamd wordt, of gerelativeerd door een waarheidsbegrip dat tegenstrijdig is aan dat van de Bijbel zelf; en zulke misstappen brengen serieus verlies met zich mee zowel voor het individu als voor de Kerk.

Artikelen van bevestiging en ontkenning

  1. Wij bevestigen dat de Heilige Schrift ontvangen moet worden als het gezaghebbende Woord van God. Wij ontkennen dat de Schrift zijn gezag ontvangt van de kerk, traditie of enige andere menselijke bron.
  2. Wij bevestigen dat de Schrift de hoogste geschreven vorm is waardoor God het geweten bindt en dat het gezag van de kerk ondergeschikt is aan dat van de Schrift. Wij ontkennen dat kerk belijdenissen, vergaderingen of verklaringen groter of gelijk gezag hebben dan het gezag van de Schrift.
  3. Wij bevestigen dat het geschreven Woord in zijn geheel door God gegeven openbaring is. Wij ontkennen dat de Bijbel slechts een getuigenis is van openbaring, of slechts openbaring wordt door confrontatie, of afhankelijk is van de reacties van mensen voor haar geldigheid.
  4. Wij bevestigen dat God die de mensheid maakte naar Zijn beeld, taal gebruikt heeft als een middel tot openbaring. Wij ontkennen dat menselijke taal zo beperkt is door onze geschapenheid dat het een ongeschikt middel is voor Goddelijke openbaring. Wij ontkennen ook dat de verdorvenheid van de menselijke cultuur en taal door de zonde, Gods werk van inspiratie gedwarsboomd heeft.
  5. Wij bevestigen dat er een voortgang is in Gods openbaring in de Schrift. Wij ontkennen dat latere openbaring, die een eerdere kan aanvullen, deze ooit kan verbeteren of tegenspreken. Wij ontkennen ook dat enige gezaghebbende openbaring is gegeven sinds de completering van de Nieuwtestamentische geschriften.
  6. Wij bevestigen dat de gehele Schrift in al zijn delen, tot zelfs ieder woord van het origineel, werd gegeven door Goddelijke inspiratie. Wij ontkennen dat de inspiratie van de Schrift erkend kan worden van het geheel maar niet van de delen of van sommige delen maar niet van het geheel.
  7. Wij bevestigen dat inspiratie het werk was waardoor God ons door Zijn Geest, door menselijke schrijvers, Zijn Woord heeft gegeven. De bron van de Schrift is Goddelijk. De manier van Goddelijke inspiratie blijft grotendeels een mysterie voor ons. Wij ontkennen dat inspiratie kan worden verlaagd tot menselijk inzicht, of tot enige soort van verhoogde staat van besef of waarneming.
  8. Wij bevestigen dat God in Zijn werk van inspiratie de verschillende persoonlijkheden en literaire stijlen heeft gebruikt van de schrijvers die Hij had gekozen en voorbereid. Wij ontkennen dat God toen Hij de schrijvers de precieze woorden die Hij had gekozen deed gebruiken,daarmee buiten hunpersoonlijkheid omging.
  9. Wij bevestigen dat inspiratie, hoewel zij geen alwetendheid verleende, garandeert dat ware en betrouwbare uitspraken werden gedaan over alle zaken, waarover de bijbelse schrijvers bewogen werden te spreken en te schrijven. Wij ontkennen dat de feilbaarheid of zondigheid van deze schrijvers, verdraaiing of vervalsing heeft geïntroduceerd in Gods Woord.
  10. Wij bevestigen dat inspiratie, strikt genomen, alleen geldt voor het originele handschrift van de schrijvers. Dit kan echter in de voorzienigheid van God met grote zuiverheid gereconstrueerd worden met behulp van de aanwezige handschriften. Wij bevestigen ook dat kopieën en vertalingen van de Schrift het Woord van God zijn in zoverre als zij waarheidsgetrouw het origineel weergeven. Wij ontkennen dat enig essentieel deel van het Christelijk geloof wordt aangetast door het ontbreken van de originele handschriften. Wij ontkennen ook dat deze afwezigheid tot gevolg heeft dat de verzekering van de bijbelse onfeilbaarheid ongeldig of zinloos is.
  11. Wij bevestigen dat de Schrift die ons door Goddelijke inspiratie is gegeven onfeilbaar is, zodat in plaats van ons te misleiden, zij waar en betrouwbaar is in alle zaken die zij behelst. Wij ontkennen dat het voor de Bijbel mogelijk is om tezelfdertijd onfeilbaar en misleidend te zijn in zijn beweringen.
  12. Wij bevestigen dat de Schrift in zijn geheel onfeilbaar is en vrij van alle valsheid, bedrog of misleiding. Wij ontkennen dat Bijbelse onfeilbaarheid beperkt is tot geestelijke, religieuze of verlossende thema's en niet geldt voor historische en wetenschappelijke beweringen. Wij ontkennen ook dat wetenschappelijke beweringen over geschiedenis en ontstaan van de wereld gebruikt mogen worden om het onderwijs van de Schrift over de schepping en de zondvloed omver te werpen.
  13. Wij bevestigen de juistheid van het gebruik van onfeilbaarheid als theologische term met betrekking tot de volledige waarheid van de Schrift. Wij ontkennen dat het juist is om de Schrift te beoordelen naar normen van waarheid en onjuistheid die haaks staan op haar gebruik of doel. Wij ontkennen verder dat onfeilbaarheid wordt tegengesproken door verschijnselen in de Bijbel, als gebrek aan moderne technische precisie, onregelmatigheden in grammatica of spelling, onwetenschappelijke beschrijvingen van de natuur, het rapporteren van onwaarheden, het gebruik van overdrijving en ronde getallen, thematische rangschikking van materiaal, verschillende beschrijvingen van dezelfde gebeurtenis of het gebruik van vrije aanhalingen.
  14. Wij bevestigen de eenheid en innerlijke overeenstemming van de Schrift. Wij ontkennen dat veronderstelde fouten en nog niet opgeloste tegenstrijdigheden de waarheidsaanspraken van de Bijbel ongeldig maken.
  15. Wij bevestigen dat de leer van de onfeilbaarheid is gegrond op datgene wat de Bijbel zegt over inspiratie. Wij ontkennen dat Jezus' leer over de Schrift afgedaan kon worden met een beroep op aanpassing aan of beperking door Zijn menselijkheid.
  16. Wij bevestigen dat de leer van de onfeilbaarheid een essentieel deel uitgemaakt heeft van het geloof van de Kerk door de eeuwen heen. Wij ontkennen dat onfeilbaarheid een leer is die is uitgevonden door scholastisch protestantisme, of die een tegenaanval is in reactie op negatieve Schriftkritiek.
  17. Wij bevestigen dat de Heilige Geest getuigenis geeft van de Schrift en gelovigen verzekert van de waarheid van Gods geschreven woord. Wij ontkennen dat dit getuigenis van de Heilige Geest plaats vindt los van, of tegen de Schrift in.
  18. Wij bevestigen dat de tekst van de Schrift verklaard moet worden door grammaticaal - historische uitleg, rekening houdend met de literaire vormen en opzet. Ook dat Schrift met Schrift moet worden uitgelegd. Wij ontkennen de geldigheid van enige behandeling van de tekst of bronnenonderzoek die leidt tot relativeren, geschiedvervalsing of verminderen van de Bijbelse leer, of het afwijzen van haar eis met betrekking tot de schrijver.
  19. Wij bevestigen dat een belijdenis van de volledige autoriteit en onfeilbaarheid van de Schrift van levensbelang is voor een juist verstaan van het geheel van het Christelijk geloof. Verder bevestigen wij dat zo'n belijdenis behoort te leiden tot een groeiende gelijkvormigheid aan het beeld van Christus. Wij ontkennen dat zo'n belijdenis noodzakelijk is voor behoudenis hoewel wij ook ontkennen dat onfeilbaarheid afgewezen kan worden zonder grote consequenties voor het individu, zowel als voor de Kerk.
  • De oorspronkelijke (1978) Chicago Statement on Inerrancy met toelichting vindt u hier.
  • De Chicago Statement on Biblical Hermeneutics (1982) met toelichting vindt u hier.



Laatst aangepast op maandag, 01 november 2010 13:46
 
Reageer (0 reacties)

You need to login or register to post comments.
Reageer op dit artikel in het forum. (0 posts)